Het zenuwstelsel
Het menselijke zenuwstelsel is een ingewikkeld communicatienetwork dat uit twee verbonden systemen bestaat:
1. Het centraal zenuwstelsel (CZS)
Het CZS beslaat de hersenen en het ruggemerg. Het is het commandocentrum, het interpreteert alle binnenkomende zintuiglijke informatie zoals van de ogen en oren, en het controleert alle bevelen naar de spieren toe. De communicatie vindt plaats via zenuwimpulsen, elektrische signalen, die via de zenuwbanen doorgegeven worden. De hersenen staan ook in voor complexe functies zoals leren, geheugen, gevoelens en abstractie.
2. Het perifere zenuwstelsel (PZS)
Het PZS bestaat zowel uit gevoels- als motorische zenuwen. Gevoelszenuwen geven binnenkomende informatie over het zien, horen, smaken, voelen en tasten door aan het CZS. Motorische zenuwen sturen dan weer bevelen uit van het CZS naar de spieren.
De reflexboog
Een eenvoudige manier om de functie van het zenuwstelsel te testen is de goede werking van de reflexboog van het ruggemerg te controleren. Het is een methode om vast te stellen of een patiënt aan een ziekte van het zenuwstelsel lijdt of niet. Er worden automatische reacties getest, die geen input van de hersenen noch bewuste gedachten vereisen. Een bekende reflex is bijvoorbeeld de sterke reactie bij het aanraken van een zeer heet voorwerp:
1. De gevoelszenuw in de huid geeft een mogelijk gevaar aan.
2. Vervolgens wordt een zenuwimpuls doorgegeven van de huid naar het ruggemerg, waar de impuls aan een motorische zenuw wordt verdergeleid.
3. Motorische zenuwen geleiden de impulsen naar de spieren; deze lokken bij de hand een terugtrekbeweging uit.
Reflexfuncties kunnen ook getest worden door zachtjes op de elleboog of de knie te kloppen met een reflexhamer.



